Cementen

Cement is een hydraulisch bindmiddel: uit de chemische reactie van een fijngemalen anorganische stof met water ontstaat een kunstmatig mineraal, cementsteen.

Hoe fijner het cementpoeder, hoe sneller deze scheikundige reactie verloopt (hydratatie). Hydratatie is een exotherme reactie, d.w.z. er komt warmte vrij.

De verharding gebeurt zowel onder water als in de lucht, het reactieproduct behoudt na verharding zijn sterkte en stabiliteit.

Er zijn verschillende cementtypes, aangeduid met CEM I tot en met CEM V, met een kleiner of groter gehalte aan portlandcement en hoogovenslak of vliegas.

  • CEM I: portlandcement met maximaal 5% andere stoffen.
  • CEM II: allerlei mengvormen van portlandcement met bijvoorbeeld leisteen, vliegas, hoogovenslak…  minimaal 65% portlandcement.

De sterkteontwikkeling van een cement wordt niet alleen bepaald door de samenstelling maar ook door de maalfijnheid, ingedeeld in klassen (32,5 - 42,5 - 52,5).

Deze indeling gebeurt op basis van een drukproef na 28 dagen. Binnen elke sterkteklasse bepalen de prestaties op jonge leeftijd het onderscheid tussen de ‘Normale’ (N) en de ‘Snelle’ (R) versie.

De mortelprisma's zijn gebaseerd op een standaardverhouding van cement, water en zand.